Vlaanderen.be

Research output

Libellen in noordwest-Vlaanderen: status, belang en behoud

Research output: Contribution to journalA3: Article in a journal without peer review

Standard

Libellen in noordwest-Vlaanderen : status, belang en behoud. / Adriaens, Tim.

In: Gomphus : mededelingsblad van de belgische libellenonderzoekers, Vol. 18, No. 1-2, 2002, p. 15-40.

Research output: Contribution to journalA3: Article in a journal without peer review

Harvard

APA

Author

Bibtex

@article{abff49e37e6647e79abdf11b9e606f23,
title = "Libellen in noordwest-Vlaanderen: status, belang en behoud",
abstract = "Samenvatting De regio noordwest-Vlaanderen kent een lange odonatologische traditie. Dit artikel behandelt historische en recente verspreidingsgegevens van de geobserveerde soorten (31 in totaal) en wil nagaan wat de belangrijkste gebieden voor libellen (soortenrijdom, zeldzaamheid) zijn. Gebieden werden geclusterd op basis van soortensamenstelling met behulp van TWINSPAN software. De divisieniveaus werden daarna gevisualiseerd in een GIS-omgeving. Op die manier konden we een idee krijgen over de bruikbaarheid van de indeling in ecodistricten bij de interpretatie van verspreidingspatronen van libellen in de regio. Het Houtland, een ecodistrict met pleistocene dekzanden, bleek meest soortenrijk. Het Rode dopheideveldje (Zevenkerke) staat aan kop met 22 waargenomen soorten. Drie rodelijst soorten werden in het Houtland waargenomen: Cordulia aenea, Leucorrhinia dubia and Coenagrion pulchellum. De laatste is vermoedelijk uitgestorven. In het ecodistrict “duinen” komt de kwetsbare Ischnura pumilio voor. Uit de analyse blijkt dat de indeling in ecodistricten mogelijks te verfijnd is om uitspraken te doen over verspreidingspatronen van libellen. Ten slotte worden enkele suggesties aangehaald voor het beheer en behoud van relevante soorten. R{\'e}sum{\'e} Les libellules du nord-ouest de la Flandre: statut, importance et conservation. Le nord-ouest de la Flandre-Occidentale a une longue tradition odonatologique. Cet article discute la r{\'e}partition historique et r{\'e}cente des esp{\`e}ces rencontr{\'e}es (31 en total) et d{\'e}termine les sites les plus importants (diversit{\'e} d’esp{\`e}ces, raret{\'e}) pour les libellules. Les sites ont {\'e}t{\'e} group{\'e}s en fonction de leur composition en esp{\`e}ces en utilisant le logiciel TWINSPAN. Les divers niveaux de division ont ensuite {\'e}t{\'e} visualis{\'e}s {\`a} l’aide d’un SIG (syst{\`e}me d’information g{\'e}ographique) pour avoir une id{\'e}e de la valeur des {\'e}codistricts dans l’interpr{\'e}tation de la distribution de libellules dans la r{\'e}gion. Le district Houtland, une r{\'e}gion de sables pl{\'e}istoc{\`e}nes, pr{\'e}sente la plus grande diversit{\'e} d’esp{\`e}ces. Trois esp{\`e}ces de la Liste Rouge ont {\'e}t{\'e}s not{\'e}es dans ce district: Cordulia aenea, Leucorrhinia dubia et Coenagrion pulchellum, cette derni{\`e}re ayant probablement disparue. La lande prot{\'e}g{\'e}e de Zevenkerke obtient le record de la r{\'e}gion avec 22 esp{\`e}ces observ{\'e}es. Le district “dunaire” est important pour le vuln{\'e}rable Ischnura pumilio. Il est sugg{\'e}r{\'e} que les {\'e}codistricts pourraient {\^e}tre trop d{\'e}taill{\'e} pour interpr{\'e}ter la distribution de libellules. Enfin, quelques id{\'e}es sont pr{\'e}sent{\'e}es pour le maintien et la gestion de populations d’ esp{\`e}ces sensibles.",
author = "Tim Adriaens",
year = "2002",
language = "Nederlands",
volume = "18",
pages = "15--40",
journal = "Gomphus : mededelingsblad van de belgische libellenonderzoekers",
publisher = "Libellenwerkgroep Gomphus",
number = "1-2",

}

RIS

TY - JOUR

T1 - Libellen in noordwest-Vlaanderen

T2 - status, belang en behoud

AU - Adriaens, Tim

PY - 2002

Y1 - 2002

N2 - Samenvatting De regio noordwest-Vlaanderen kent een lange odonatologische traditie. Dit artikel behandelt historische en recente verspreidingsgegevens van de geobserveerde soorten (31 in totaal) en wil nagaan wat de belangrijkste gebieden voor libellen (soortenrijdom, zeldzaamheid) zijn. Gebieden werden geclusterd op basis van soortensamenstelling met behulp van TWINSPAN software. De divisieniveaus werden daarna gevisualiseerd in een GIS-omgeving. Op die manier konden we een idee krijgen over de bruikbaarheid van de indeling in ecodistricten bij de interpretatie van verspreidingspatronen van libellen in de regio. Het Houtland, een ecodistrict met pleistocene dekzanden, bleek meest soortenrijk. Het Rode dopheideveldje (Zevenkerke) staat aan kop met 22 waargenomen soorten. Drie rodelijst soorten werden in het Houtland waargenomen: Cordulia aenea, Leucorrhinia dubia and Coenagrion pulchellum. De laatste is vermoedelijk uitgestorven. In het ecodistrict “duinen” komt de kwetsbare Ischnura pumilio voor. Uit de analyse blijkt dat de indeling in ecodistricten mogelijks te verfijnd is om uitspraken te doen over verspreidingspatronen van libellen. Ten slotte worden enkele suggesties aangehaald voor het beheer en behoud van relevante soorten. Résumé Les libellules du nord-ouest de la Flandre: statut, importance et conservation. Le nord-ouest de la Flandre-Occidentale a une longue tradition odonatologique. Cet article discute la répartition historique et récente des espèces rencontrées (31 en total) et détermine les sites les plus importants (diversité d’espèces, rareté) pour les libellules. Les sites ont été groupés en fonction de leur composition en espèces en utilisant le logiciel TWINSPAN. Les divers niveaux de division ont ensuite été visualisés à l’aide d’un SIG (système d’information géographique) pour avoir une idée de la valeur des écodistricts dans l’interprétation de la distribution de libellules dans la région. Le district Houtland, une région de sables pléistocènes, présente la plus grande diversité d’espèces. Trois espèces de la Liste Rouge ont étés notées dans ce district: Cordulia aenea, Leucorrhinia dubia et Coenagrion pulchellum, cette dernière ayant probablement disparue. La lande protégée de Zevenkerke obtient le record de la région avec 22 espèces observées. Le district “dunaire” est important pour le vulnérable Ischnura pumilio. Il est suggéré que les écodistricts pourraient être trop détaillé pour interpréter la distribution de libellules. Enfin, quelques idées sont présentées pour le maintien et la gestion de populations d’ espèces sensibles.

AB - Samenvatting De regio noordwest-Vlaanderen kent een lange odonatologische traditie. Dit artikel behandelt historische en recente verspreidingsgegevens van de geobserveerde soorten (31 in totaal) en wil nagaan wat de belangrijkste gebieden voor libellen (soortenrijdom, zeldzaamheid) zijn. Gebieden werden geclusterd op basis van soortensamenstelling met behulp van TWINSPAN software. De divisieniveaus werden daarna gevisualiseerd in een GIS-omgeving. Op die manier konden we een idee krijgen over de bruikbaarheid van de indeling in ecodistricten bij de interpretatie van verspreidingspatronen van libellen in de regio. Het Houtland, een ecodistrict met pleistocene dekzanden, bleek meest soortenrijk. Het Rode dopheideveldje (Zevenkerke) staat aan kop met 22 waargenomen soorten. Drie rodelijst soorten werden in het Houtland waargenomen: Cordulia aenea, Leucorrhinia dubia and Coenagrion pulchellum. De laatste is vermoedelijk uitgestorven. In het ecodistrict “duinen” komt de kwetsbare Ischnura pumilio voor. Uit de analyse blijkt dat de indeling in ecodistricten mogelijks te verfijnd is om uitspraken te doen over verspreidingspatronen van libellen. Ten slotte worden enkele suggesties aangehaald voor het beheer en behoud van relevante soorten. Résumé Les libellules du nord-ouest de la Flandre: statut, importance et conservation. Le nord-ouest de la Flandre-Occidentale a une longue tradition odonatologique. Cet article discute la répartition historique et récente des espèces rencontrées (31 en total) et détermine les sites les plus importants (diversité d’espèces, rareté) pour les libellules. Les sites ont été groupés en fonction de leur composition en espèces en utilisant le logiciel TWINSPAN. Les divers niveaux de division ont ensuite été visualisés à l’aide d’un SIG (système d’information géographique) pour avoir une idée de la valeur des écodistricts dans l’interprétation de la distribution de libellules dans la région. Le district Houtland, une région de sables pléistocènes, présente la plus grande diversité d’espèces. Trois espèces de la Liste Rouge ont étés notées dans ce district: Cordulia aenea, Leucorrhinia dubia et Coenagrion pulchellum, cette dernière ayant probablement disparue. La lande protégée de Zevenkerke obtient le record de la région avec 22 espèces observées. Le district “dunaire” est important pour le vulnérable Ischnura pumilio. Il est suggéré que les écodistricts pourraient être trop détaillé pour interpréter la distribution de libellules. Enfin, quelques idées sont présentées pour le maintien et la gestion de populations d’ espèces sensibles.

M3 - A3: Artikel in een tijdschrift zonder peer review

VL - 18

SP - 15

EP - 40

JO - Gomphus : mededelingsblad van de belgische libellenonderzoekers

JF - Gomphus : mededelingsblad van de belgische libellenonderzoekers

IS - 1-2

ER -

Research output (related by authors)
Projects (related by authors)
Shopping cart
Add to cart Saved citations

Copy the text from this field...

Documents

Documents

Relations
View graph of relations