Vlaanderen.be

Onderzoeksoutput

Participatieve gebiedsvisieontwikkeling voor De Wijers via het ecosysteemdienstenconcept: procesarchitectuur en procesevaluatie

Onderzoeksoutput: Boek/rapportRapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek

Standard

Participatieve gebiedsvisieontwikkeling voor De Wijers via het ecosysteemdienstenconcept : procesarchitectuur en procesevaluatie. / Ulenaers, Paula (Hoofdauteur); Turkelboom, Francis; Simoens, Ilse; Keune, Hans; Deneef, Huig; Stevens, Karel.

Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, 2014. 56 blz. (Rapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek; No. INBO.R.2014.2853501).

Onderzoeksoutput: Boek/rapportRapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek

Harvard

Ulenaers, P, Turkelboom, F, Simoens, I, Keune, H, Deneef, H & Stevens, K 2014, Participatieve gebiedsvisieontwikkeling voor De Wijers via het ecosysteemdienstenconcept: procesarchitectuur en procesevaluatie. Rapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, nr. INBO.R.2014.2853501, Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek.

APA

Ulenaers, P., Turkelboom, F., Simoens, I., Keune, H., Deneef, H., & Stevens, K. (2014). Participatieve gebiedsvisieontwikkeling voor De Wijers via het ecosysteemdienstenconcept: procesarchitectuur en procesevaluatie. (Rapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek; No. INBO.R.2014.2853501). Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek.

Author

Ulenaers, Paula ; Turkelboom, Francis ; Simoens, Ilse ; Keune, Hans ; Deneef, Huig ; Stevens, Karel. / Participatieve gebiedsvisieontwikkeling voor De Wijers via het ecosysteemdienstenconcept : procesarchitectuur en procesevaluatie. Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, 2014. 56 blz. (Rapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek; INBO.R.2014.2853501).

Bibtex

@book{73d46cd9ae514108899b30dd4d26ebca,
title = "Participatieve gebiedsvisieontwikkeling voor De Wijers via het ecosysteemdienstenconcept: procesarchitectuur en procesevaluatie",
abstract = "{"}De Wijers{"} beslaat 20.000 ha en is verspreid over 7 gemeenten in het noordoosten van Belgi{\"e}. De meest dominante landgebruiken zijn visvijvers, moerassen, bossen, heide, grasland, woonwijken en industrie. Om een visie voor duurzaam en multifunctioneel landgebruik voor De Wijers te ontwikkelen, werd in dit pilootproject gekozen om een ecosysteemdiensten (ESD) benadering als een richtinggevend denkkader te gebruiken.Tevens werd gehoopt dat op deze manier een meer positieve discussie zou mogelijk worden. Om een breed gedragen visie op te bouwen werd een reeks van interactieve workshops georganiseerd. In totaal namen 200 personen deel aan de workshops (voornamelijk projectpartners, overheden en NGO's). De milieu-, toerisme- en visserij-sector waren goed vertegenwoordigd, terwijl het veel moeilijker was om vertegenwoordigers van de industrie, de landbouw en de sociale sector te mobiliseren. De workshops stimuleerden sociaal leren tussen de partners, resulteerde in een beter begrip voor andere posities, bood heel wat mogelijkheden tot netwerken, en heeft bijgedragen tot een groter vertrouwen tussen de belanghebbenden. Speciale aandacht is echter nodig voor effici{\"e}nt tijdgebruik tijdens de workshops, en het betrekken van minder betrokken maar relevante belanghebbenden (zoals invloedrijke groepen, kansarmen).De voordelen van het ESD-concept als een vehikel voor visie-ontwikkeling was dat het gemakkelijk te begrijpen is, dat het multifunctioneel landgebruik hanteerbaar maakt, en dat het de deelnemers stimuleerde om na te denken over de ecosysteemstructuren en -processen waarvan ze afhankelijk zijn (= ecologische duurzaamheid). Door aan de deelnemers te vragen om gewenste ecosysteembaten voor de toekomst (2030) op te lijsten, waren ze in staat om vrijer (‘out-of-the-box’) en meer oplossingsgericht te denken (in plaats van te verzanden in de huidige problemen en tegenstellingen). Scoring en prioritering bleken eenvoudige, maar nuttige tools om de voorkeuren van de verschillende belanghebbenden tevisualiseren. Een ander krachtig hulpmiddel was de vraag om mogelijke ‘win-win situaties’ tussen gewenste ecosysteemdiensten te identificeren. Dit maakte het mogelijk om bruggen te bouwen tussen (vaak contradictorische) sectoren. Een beperking van het ESD-concept voor ruimtelijke visieontwikkeling was dat het zich vooral richt op de bijdrage van (a)biotische aspecten aan regionale ontwikkeling. Andere elementen zoals werkgelegenheid, vervoer, regionaal karakter en cultureel erfgoed kwam ook naar boven als belangrijke visieelementen, maar vielen gedeeltelijk buiten het ESD-concept. Bovendien bestaat het risico dat 'onzichtbare' of ‘te evidente’ ecosysteemdiensten onder de radar vallen tijdens eenparticipatief proces (bvb. levering van grondwater, natuurlijke luchtzuivering).Kortom, dit pilootproject heeft duidelijk gemaakt dat het ESD concept en de gebruikte methodes – mits enige aanpassingen - zeker kunnen bijdragen tot ruimtelijke visievorming van regio's met complex landgebruik en talrijke belanghebbenden.",
author = "Paula Ulenaers and Francis Turkelboom and Ilse Simoens and Hans Keune and Huig Deneef and Karel Stevens",
year = "2014",
month = "8",
language = "Nederlands",
series = "Rapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek",
publisher = "Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek",
number = "INBO.R.2014.2853501",
address = "Belgi{\"e}",

}

RIS

TY - BOOK

T1 - Participatieve gebiedsvisieontwikkeling voor De Wijers via het ecosysteemdienstenconcept

T2 - procesarchitectuur en procesevaluatie

AU - Ulenaers, Paula

AU - Turkelboom, Francis

AU - Simoens, Ilse

AU - Keune, Hans

AU - Deneef, Huig

AU - Stevens, Karel

PY - 2014/8

Y1 - 2014/8

N2 - "De Wijers" beslaat 20.000 ha en is verspreid over 7 gemeenten in het noordoosten van België. De meest dominante landgebruiken zijn visvijvers, moerassen, bossen, heide, grasland, woonwijken en industrie. Om een visie voor duurzaam en multifunctioneel landgebruik voor De Wijers te ontwikkelen, werd in dit pilootproject gekozen om een ecosysteemdiensten (ESD) benadering als een richtinggevend denkkader te gebruiken.Tevens werd gehoopt dat op deze manier een meer positieve discussie zou mogelijk worden. Om een breed gedragen visie op te bouwen werd een reeks van interactieve workshops georganiseerd. In totaal namen 200 personen deel aan de workshops (voornamelijk projectpartners, overheden en NGO's). De milieu-, toerisme- en visserij-sector waren goed vertegenwoordigd, terwijl het veel moeilijker was om vertegenwoordigers van de industrie, de landbouw en de sociale sector te mobiliseren. De workshops stimuleerden sociaal leren tussen de partners, resulteerde in een beter begrip voor andere posities, bood heel wat mogelijkheden tot netwerken, en heeft bijgedragen tot een groter vertrouwen tussen de belanghebbenden. Speciale aandacht is echter nodig voor efficiënt tijdgebruik tijdens de workshops, en het betrekken van minder betrokken maar relevante belanghebbenden (zoals invloedrijke groepen, kansarmen).De voordelen van het ESD-concept als een vehikel voor visie-ontwikkeling was dat het gemakkelijk te begrijpen is, dat het multifunctioneel landgebruik hanteerbaar maakt, en dat het de deelnemers stimuleerde om na te denken over de ecosysteemstructuren en -processen waarvan ze afhankelijk zijn (= ecologische duurzaamheid). Door aan de deelnemers te vragen om gewenste ecosysteembaten voor de toekomst (2030) op te lijsten, waren ze in staat om vrijer (‘out-of-the-box’) en meer oplossingsgericht te denken (in plaats van te verzanden in de huidige problemen en tegenstellingen). Scoring en prioritering bleken eenvoudige, maar nuttige tools om de voorkeuren van de verschillende belanghebbenden tevisualiseren. Een ander krachtig hulpmiddel was de vraag om mogelijke ‘win-win situaties’ tussen gewenste ecosysteemdiensten te identificeren. Dit maakte het mogelijk om bruggen te bouwen tussen (vaak contradictorische) sectoren. Een beperking van het ESD-concept voor ruimtelijke visieontwikkeling was dat het zich vooral richt op de bijdrage van (a)biotische aspecten aan regionale ontwikkeling. Andere elementen zoals werkgelegenheid, vervoer, regionaal karakter en cultureel erfgoed kwam ook naar boven als belangrijke visieelementen, maar vielen gedeeltelijk buiten het ESD-concept. Bovendien bestaat het risico dat 'onzichtbare' of ‘te evidente’ ecosysteemdiensten onder de radar vallen tijdens eenparticipatief proces (bvb. levering van grondwater, natuurlijke luchtzuivering).Kortom, dit pilootproject heeft duidelijk gemaakt dat het ESD concept en de gebruikte methodes – mits enige aanpassingen - zeker kunnen bijdragen tot ruimtelijke visievorming van regio's met complex landgebruik en talrijke belanghebbenden.

AB - "De Wijers" beslaat 20.000 ha en is verspreid over 7 gemeenten in het noordoosten van België. De meest dominante landgebruiken zijn visvijvers, moerassen, bossen, heide, grasland, woonwijken en industrie. Om een visie voor duurzaam en multifunctioneel landgebruik voor De Wijers te ontwikkelen, werd in dit pilootproject gekozen om een ecosysteemdiensten (ESD) benadering als een richtinggevend denkkader te gebruiken.Tevens werd gehoopt dat op deze manier een meer positieve discussie zou mogelijk worden. Om een breed gedragen visie op te bouwen werd een reeks van interactieve workshops georganiseerd. In totaal namen 200 personen deel aan de workshops (voornamelijk projectpartners, overheden en NGO's). De milieu-, toerisme- en visserij-sector waren goed vertegenwoordigd, terwijl het veel moeilijker was om vertegenwoordigers van de industrie, de landbouw en de sociale sector te mobiliseren. De workshops stimuleerden sociaal leren tussen de partners, resulteerde in een beter begrip voor andere posities, bood heel wat mogelijkheden tot netwerken, en heeft bijgedragen tot een groter vertrouwen tussen de belanghebbenden. Speciale aandacht is echter nodig voor efficiënt tijdgebruik tijdens de workshops, en het betrekken van minder betrokken maar relevante belanghebbenden (zoals invloedrijke groepen, kansarmen).De voordelen van het ESD-concept als een vehikel voor visie-ontwikkeling was dat het gemakkelijk te begrijpen is, dat het multifunctioneel landgebruik hanteerbaar maakt, en dat het de deelnemers stimuleerde om na te denken over de ecosysteemstructuren en -processen waarvan ze afhankelijk zijn (= ecologische duurzaamheid). Door aan de deelnemers te vragen om gewenste ecosysteembaten voor de toekomst (2030) op te lijsten, waren ze in staat om vrijer (‘out-of-the-box’) en meer oplossingsgericht te denken (in plaats van te verzanden in de huidige problemen en tegenstellingen). Scoring en prioritering bleken eenvoudige, maar nuttige tools om de voorkeuren van de verschillende belanghebbenden tevisualiseren. Een ander krachtig hulpmiddel was de vraag om mogelijke ‘win-win situaties’ tussen gewenste ecosysteemdiensten te identificeren. Dit maakte het mogelijk om bruggen te bouwen tussen (vaak contradictorische) sectoren. Een beperking van het ESD-concept voor ruimtelijke visieontwikkeling was dat het zich vooral richt op de bijdrage van (a)biotische aspecten aan regionale ontwikkeling. Andere elementen zoals werkgelegenheid, vervoer, regionaal karakter en cultureel erfgoed kwam ook naar boven als belangrijke visieelementen, maar vielen gedeeltelijk buiten het ESD-concept. Bovendien bestaat het risico dat 'onzichtbare' of ‘te evidente’ ecosysteemdiensten onder de radar vallen tijdens eenparticipatief proces (bvb. levering van grondwater, natuurlijke luchtzuivering).Kortom, dit pilootproject heeft duidelijk gemaakt dat het ESD concept en de gebruikte methodes – mits enige aanpassingen - zeker kunnen bijdragen tot ruimtelijke visievorming van regio's met complex landgebruik en talrijke belanghebbenden.

M3 - Rapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek

T3 - Rapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek

BT - Participatieve gebiedsvisieontwikkeling voor De Wijers via het ecosysteemdienstenconcept

PB - Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek

ER -

Onderzoeksoutput (gerelateerd via auteurs)
Winkelwagen
Toevoegen aan winkelwagen Opgeslagen in winkelwagen

Kopieer de tekst uit dit veld...

Documenten
Relaties
Bekijk grafiek van relaties